Partijprogramma
Inleiding
In Breda bedrijft men al sinds jaar en dag een koopmanspolitiek waarvoor men telkens weer de legitimatie zoekt bij de groep die er de dupe van is: de burgerij. Die burgerij keert zich vanzelfsprekend steeds verder af van de politiek. Hoe kan het ook anders. De politieke partijen hebben zich ontwikkeld van kiesverenigingen tot carričreclubs. De politiek is verworden tot een bedrijfsmatige bureaucratie waar je maar beter niets mee te maken kunt hebben. De politiek moet de koers uitzetten met een nieuw kompas waar andere windstreken op staan dan die tot nu toe zijn gehanteerd door de machthebbers.
Daarom: een nieuwe frisse wind laten waaien door muffe achterkamertjes van de Bredase politiek en de stedelijke ambtenaren wakker schudden uit hun slaap en hen wijzen op hun enige taak: het dienen van de burgers. Dat is waar ‘Open & Eerlijk’ voor staat en gaat.
Het roer gaat om als Open & Eerlijk het voor het zeggen krijgt. In ieder geval zullen de vertegenwoordigers van de partij in de gemeente aandringen (zo niet eisen) dat het gedaan is met stroperige besluitvorming, vriendjespolitiek, belangenverstrengeling en / of afbraak van de publieke zaak ten faveure van persoonlijke verrijking.
Angstvallig houdt de bestuursmachine de illusie van individuele belangenbehartiging in stand door hier en daar een poepje op te ruimen of een buurtschouw te houden. Meer kunnen politici en ambtenaren ook niet doen. Zij hebben niet de moed buiten de voorgeschreven bevoegdheden te treden; ze houden niet van politiek en zij hebben geen enkele visie op een mooiere en menswaardiger samenleving. Zij zijn ook niet van plan anderen aan het woord te laten die hen op weg kunnen en willen helpen.
Het moet afgelopen zijn met het handjeklap en de een-tweetjes waarmee in Breda al sinds mensenheugenis politiek is bedreven en de stem van de burger alleen op het verkiezingsmoment gehoord is en daarna vier jaar verstomd omdat politici zonder verder te luisteren naar de achterban tot besluitvorming komen. De verkiezingen lijken teruggebracht tot een soort loterij waar na de trekking de macht onderling wordt verdeeld en ‘het volk’ er verder niet meer toe doet en zonder de burgers over hen wordt beslist.
Stem van de burger
Open & Eerlijk wil de burger een stem geven, ook buiten verkiezingen om. Dit moet mogelijk worden door een klare en doorzichtige besluitvorming en een correct door iedereen te volgen beleidsuitvoering. De afbraak van de publieke zaak, zoals nu vanuit Den Haag gedicteerd, dient te stoppen. Nutsbedrijven en instellingen met een monopoliepositie (zoals bij energievoorziening, openbaar vervoer, infrastructuur, gezondheidszorg en kabelnetten) dienen onder toezicht, zo niet onder curatele te blijven van het publiek bestuur. Dit biedt de burger ook controlemogelijkheden daarop via de democratische instellingen van het openbaar bestuur. Marktwerking is voor het economisch verkeer de beste ‘motor’ en dient door het openbaar bestuur gestimuleerd en tegen monopolievorming gecontroleerd te worden, maar mag niet een rol spelen binnen het openbaar bestuur en zijn voorzieningen.
Solidariteit
Open & Eerlijk staat ook voor de publieke taak van collectieve solidariteit. De verantwoordelijkheid van de individuele burger moet ingebed kunnen zijn in de verzekering van een stevig sociaal vangnet, zeker ook op gemeentelijk niveau.
Het openbaar bestuur dient de voorwaarde te scheppen voor een correcte informatieverstrekking aan de burgers en ervoor zorgen dat er mogelijkheden zijn voor een diversiteit aan media in de regio. Voor wat de publieke omroep aangaat dienen de overheden, dus ook de gemeente wat de lokale publieke omroep aangaat, zorg te dragen voor een onafhankelijke niet louter van commercie afhankelijke organisatie waarbij diversiteit en onafhankelijke meningsvorming voorop staat.
Basisloon
Een menswaardig bestaan is een grondrecht dat de overheid dient te waarborgen. Dit wordt voor een belangrijk deel gegarandeerd door persoonlijke inkomsten. Daarom wenst Open & Eerlijk een serieuze discussie aan te gaan over wenselijkheid van een door de overheid verstrekt basisinkomen. Een inkomen waar minimaal een menswaardig bestaan mee geleid kan worden. De grote econoom John Maynard Keynes presenteerde begin vorige eeuw theorieën waarin voorzieningen als een basisloon bijdragen tot vermindering van economische depressies en crisisvorming. Daarnaast kan sociale onrust voorkomen worden omdat mensen in probleemgevallen in een stevig sociaal vangnet opgevangen worden. Dit is tevens een preventie tegen criminaliteit omdat niemand gedwongen wordt illegaal te handelen om aan eten te komen. Een basisinkomen kan dan aangevuld worden met beloningen om zo te stimuleren dat men maatschappelijk nuttige activiteiten ontplooit (onbetaalde arbeid, vrijwilligerswerk) of dat men zich geestelijk of handvaardig bekwaamt op latere inkomenvormende bezigheden in de maatschappij of voor grotere persoonlijke rijpheid. Een basisloon is echter op het kompas van Open & Eerlijk geen economisch doel maar een stimulans als volledige ontplooiing van de burger als sociaal wezen. Het idee van een basisloon moet op gemeentelijk niveau geďmplementeerd worden in het beleid van de sociale dienst.
Cultuur
Het stimuleren van kunst en cultuur is een belangrijke taak van het openbaar bestuur. Dit dan via voorwaarde verstrekking en het inbedden van kunst en cultuurhistorie in gemeentelijke projecten. Het beschermen en bewaren van het culturele erfgoed (in de breedste zin van het woord) dient een speerpunt te zijn van het publieke beleid. Wat stedenbouwkundige aspecten aangaat moet kennis van en onderzoek naar historische achtergronden een voorwaarde zijn bij besluitvorming.
Gratis Openbaar Vervoer
Openbaar vervoer dient in principe gratis te zijn voor iedereen. Hierbij moet het aantal en het systeem van buslijnen op de schop waarbij een optimale permanente en frequente vervoersstroom mogelijk is. Dit kan betaald worden uit het afwezig zijn van de aanleg van diverse verkeersremmers als verkeersdrempels en de daaruit voortkomende besparingen. De binnenstad moet zowel goed bereikbaar zijn met auto’s zowel als met de fiets. Parkeervoorzieningen en fietsstallingen moeten in voldoende mate naar aanleiding van prognoses van de publieksvraag worden aangelegd en tegen kostprijs maar liever gratis ter beschikking worden gesteld. De parkeerterreinen en de binnenstad moeten via een hoogfrequent rijdend personenvervoer met elkaar verbonden zijn. Ook dient er een voorziening te komen waarbij in de binnenstad ingekochte artikelen vervoerd kunnen worden naar parkeerplaats of woning.
Stop sociaal afbraak stelsel
Afbraak van sociale voorzieningen dient te worden gestopt. De vanuit de Rijksoverheid gedirigeerde verschraling van het sociale stelsel moet op gemeentelijk niveau gekeerd worden. Zo moeten ID-banen gehandhaafd, zeker als deze een maatschappelijk nut hebben bewezen, zoals bij conciërges voor (basis)scholen.
In Breda dient op korte termijn een congres- en beursvoorziening te komen, organiek verbonden met het stadscentrum en daar niet al te ver vandaan. In het uitgaanscentrum moet meer diversiteit worden aangebracht wat doelgroepen aangaat. De eenzijdige gerichtheid op jongeren en jongvolwassenen van het binnenstedelijke horeca-apparaat moet via stimuleren van marktwerking en het aanbrengen van publieke voorzieningen voor publiek van andere generaties meer diversiteit krijgen.
Beter evenementen beleid
Het evenementenbeleid moet meer gestalte krijgen via een goed ‘evenementenbureau’ dat voorwaardenscheppend en het professioneel aanbieden van diensten de diverse organisatoren werk uit handen neemt. De gemeente moet verder actief het kunst- en cultuurbeleid afstemmen op de stedelijke evenementen zodat de Bredase economie ten volle kan profiteren van het bezoek van buiten de stad aan deze evenementen. De artistieke vrijheden van evenementenorganisatoren dienen gewaarborgd te zijn door de overheid.
Bij de samenlevingsopbouw dient het multiculturele element niet verwaarloosd te worden. Alle groepen in de stedelijke samenleving moeten betrokken zijn en blijven bij besluitvorming en uitwisseling van culturele achtergronden. De dialoog tussen mensen onder elkaar en met groepen en individuen met instellingen en overheden moet op gang komen en blijven onder permanente stimulans van de overheid zonder dat deze laatste dirigistisch optreedt. De eigen inbreng en verantwoordelijkheid van alle burgers staat voorop.
Voor de inspraak van de burger dient altijd ruimte te zijn. Elke gemeenteraadsvergadering of raadscommissievergadering moet een inspraakmogelijkheid hebben waarbij burgers niet alleen hun mening kunnen geven aan de politici voorafgaand aan de besluitvorming, maar zich ook kunnen mengen in het debat en daarbij vragen kunnen stellen aan beslissers en/of uitvoerders van het beleid. Dit dient in verwerkt te zijn in een nieuw vast te stellen reglement van orde bij gemeentevergaderingen.